Literatuuronderzoek naar Verbale ontwikkelingsdyspraxie bij kinderen tussen 4-7 jaar oud.

Mijn naam is Melika, ik ben 2e jaars studente op Hogeschool Windesheim te Almere. Ik was nog net 4 toen ik al zeker wist dat ik later in de zorg wilde gaan werken en dan het liefst met kinderen. Toen ik twee jaar terug moest kiezen voor een opleiding, kwam ik de opleiding logopedie tegen. Dit leek mij zo een leuke combinatie van mijn interesse gebieden: zorg en kinderen. Nu zit ik in mijn 2e jaar en geniet ik met volle teugen van alle kennis die ik aan het opdoen ben en de leuke stages die ik tot nu toe heb gevolgd.

 

Casus & Onderzoek

Voor het vak onderzoeksvaardigheden werd aan alle studenten van mijn klas gevraagd om literatuuronderzoek te doen naar een onderwerp dat ons per student interesseert of een casus die we tijdens stage zijn tegengekomen. Toen ik deze opdracht kreeg wist ik gelijk welke casus ik zou willen uitwerken. Het gaat om een meisje van 6 jaar met een (vermoedelijke) verbale ontwikkelingsdyspraxie. Zij spreekt best onverstaanbaar en haar ouders maken zich ook veel zorgen. Aan de hand van de hulpvraag van de ouders stelde ik een onderzoeksvraag op:

‘’Welke methode is effectief bij het behandelen van een kind tussen 4 en 7 jaar met een ernstige verbale ontwikkelingsdyspraxie?’’

 

Literatuur

Toen begon het zoeken naar gepaste literatuur. Dat ging niet altijd even soepel, want er was eigenlijk niet veel literatuur beschikbaar en al helemaal niet in het Nederlands. Dus heb ik vooral Engelse teksten bestudeerd. Via het intranet van mijn hogeschool www.mediacentrumwindesheim.nl heb ik op verschillende databanken op veel zoektermen gezocht. Een aantal bronnen heb ik grondig bestudeerd, daaruit bleek maar een klein gedeelte relevant voor mijn literatuuronderzoek. Dus ben ik ook op Google Scholar gaan zoeken naar relevante bronnen. Hier kwam ik een aantal handige artikelen tegen. Een van de artikelen die ik tegenkwam was van Dr. Brigid McNeill van University of Canterbury. Zij is international expert van ‘literacy development in children with childhood apraxia of speech’. In haar artikel ‘Developmental Verbal Dyspraxia: chapter 3’ (McNeill, 2015) dat te vinden is op https://www.researchgate.net/publication/290532621_Developmental_verbal_dyspraxia heb ik veel nuttige informatie kunnen lezen om te verwerken in mijn literatuuronderzoek.

Ook kwam ik een verslag van The Royal College of Speech and Language Therapists (2011) tegen, waarin heel veel onderzoeken en single case studies waren uitgewerkt en toegelicht.              (Dit verslag genaamd RCSLT Policy Statement Developmental Verbal Dyspraxia is te vinden op https://www.ndp3.org/documents/rcslt2011dvdPolicyStatement.pdf)

 

Resultaten

Ik snap dat u best nieuwsgierig bent naar wat de uitkomsten van mijn literatuuronderzoek zijn. Er kwamen vier effectieve behandelmethoden naar voren, namelijk:

  • Therapie gericht op foneembewustzijn
  • Therapie gericht op letterkennis
  • Therapie gericht op articulatie
  • Therapie gericht op mondmotoriek

Ook kwam uit mijn literatuuronderzoek naar voren dat in Nederland een veelgebruikte behandelmethode in de praktijk Het Dyspraxieprogramma is (Erlings- van Deurse, Freriks, Goudt-Bakker, van der Meulen & de Vries, 1993).

 

Advies

Maar zoals u al wellicht is opgevallen in mijn onderzoeksvraag, zocht ik naar een ‘’ernst’’. Dit is helaas in geen een van de gevonden onderzoeken uitgewerkt. Mijn advies is dan ook aan logopedisten wereldwijd, om elkaar te delen wat in hun praktijk effectief blijkt als behandelmethode bij een kind met een (vermoeden van) verbale ontwikkelingsdyspraxie. En dat daarbij ernstmaten worden opgesteld en weergegeven, want niet elk kind met verbale ontwikkelingsdyspraxie heeft dezelfde interventie nodig. Een kind met een lichte vorm van verbale ontwikkelingsdyspraxie kan baat hebben bij een andere soort interventie dan een kind zoals bij deze casus die een ernstigere vorm heeft. Ook bestaan de onderzoeken die al zijn gedaan, maar uit een kleine groep kinderen. Om meer betrouwbare resultaten te verkrijgen is het van belang dat de groepen die onderzocht worden een groter aantal includeren.

 

Ik hoop dat er in de toekomst meer onderzoek wordt gedaan naar verbale ontwikkelingsdyspraxie en andere logopedische pathologieën. Zo kunnen logopedisten en toekomstige logopedisten zoals ik, kinderen maar ook volwassenen meer gericht gaan helpen.

 

Melika Naserinegad Kouchesfahani
melika@live.nl | LinkedIn: Melika Naserinegad Kouchesfahani

 

Denk delen en ontvangen, Denk ondersteunen en ondersteuning krijgen, Denk samen sterker…

Denk Wij Logopedisten

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *